Oogproblemen komen relatief vaak voor bij de labradoodle, mede door de erfelijke eigenschappen van zowel de labrador retriever als de poedel. Vroegtijdig herkennen en handelen kan ernstige schade of zelfs blindheid voorkomen. In dit artikel lees je welke oogaandoeningen het meest voorkomen en wat je eraan kunt doen.
Meest voorkomende oogproblemen bij de labradoodle
1. Progressieve Retina Atrofie (PRA)
PRA is een erfelijke aandoening waarbij de lichtgevoelige cellen in het netvlies langzaam afsterven. De hond verliest eerst zijn nachtzicht, daarna ook zijn dagzicht. PRA is helaas niet te behandelen en leidt uiteindelijk tot volledige blindheid.
Het goede nieuws: via DNA-tests kunnen fokkers detecteren of een hond drager is. Verantwoorde fokkers testen beide ouders. Koop nooit bij een fokker die geen PRA-test kan tonen.
2. Staar (cataract)
Staar is een vertroebeling van de ooglens. Bij erfelijke staar ontstaan de troebele vlekken al op jonge leeftijd (juveniele staar), bij verworven staar vaak op oudere leeftijd. Symptomen: blauwgrijze of witte verkleuring van de lens, verminderd gezichtsvermogen, botsen tegen objecten.
Behandeling: chirurgische verwijdering van de lens met plaatsing van een kunstlens geeft in de meeste gevallen goed resultaat.
3. Entropion
Bij entropion rolt het ooglid naar binnen, waardoor het haar en de wimpers constant over het hoornvlies schuren. Dit veroorzaakt pijn, irritatie en kan leiden tot blijvende hoornvliesschade. Behandeling is chirurgisch.
Symptomen: veel knipperen, tranen, rode ogen, wrijven aan de ogen.
4. Distichiasis
Distichiasis zijn extra wimpers die op abnormale plekken groeien en het hoornvlies irriteren. Milder dan entropion maar vergt behandeling via epilatie of chirurgie als de hond er last van heeft.
5. Oogontsteking (conjunctivitis)
Roodheid, slijmerige afscheiding en jeukerige ogen. Kan bacterieel, viraal of allergisch zijn. Behandeling afhankelijk van oorzaak: oogdruppels met antibiotica of antihistaminica.
6. Droge ogen (keratoconjunctivitis sicca)
Onvoldoende traanproductie, waardoor het hoornvlies uitdroogt. Symptomen: kleverige slijmige afscheiding, rode ogen, frequent knipperen. Behandeling: kunsttranen en stimulerende oogdruppels.
Waarschuwingssignalen bij oogproblemen
- Overmatig tranen of slijmige afscheiding uit de ogen
- Roodheid van het oogwit of de oogleden
- Frequent wrijven aan de ogen met de poot of over de grond
- Bewolking of verkleuring van de lens
- Knijpen met de ogen of vermijden van licht
- Botsen tegen meubels of objecten in het donker
- Pupil die niet goed reageert op licht
Preventie via fokkerijkeuzes
De belangrijkste preventieve maatregel is de keuze van een verantwoorde fokker die de volgende tests uitvoert:
- PRA DNA-test: Aantonen of de hond vrij is van of drager van PRA-genen
- CAER/ECVO oogonderzoek: Jaarlijks oogonderzoek door een gecertificeerde dierenoogarts
- Staar-test: Controle op juveniele erfelijke cataract
Vraag bij de aankoop van een pup altijd naar de oogcertificaten van beide ouders. Dit is een minimale eis bij een serieuze fokker.
Jaarlijkse oogcontrole
Zelfs bij een gezonde labradoodle is een jaarlijkse controle bij de dierenarts aan te raden. Oogaandoeningen zijn beter te behandelen wanneer ze vroeg worden ontdekt. Bij het minste twijfel over het zicht of de oogconditie van je hond: maak een afspraak.