Diabetes mellitus komt bij honden minder vaak voor dan bij mensen, maar is ook bij de labradoodle geen uitzondering. De aandoening is niet te genezen maar uitstekend te beheersen – mits vroeg herkend en goed behandeld. In dit artikel lees je alles over symptomen, diagnose, insulinebehandeling en dagelijks leven met een diabetische hond.
Wat is diabetes bij honden?
Diabetes mellitus is een stofwisselingsziekte waarbij het lichaam niet in staat is bloedsuiker (glucose) goed te reguleren. Er zijn twee vormen:
- Type 1 (insuline-afhankelijk): Het meest voorkomend bij honden. De alvleesklier produceert onvoldoende insuline. Insuline-injecties zijn levenslang noodzakelijk.
- Type 2: Zeldzamer bij honden. Cellen reageren onvoldoende op insuline.
Vrouwelijke, ongestriliseerde honden hebben een hoger risico door het hormoon progesteron dat insulineresistentie kan veroorzaken. Ook overgewicht en pancreatitis zijn risicofactoren.
Symptomen van diabetes bij de labradoodle
- Overmatige dorst (polydipsie): De hond drinkt veel meer dan normaal
- Overmatig urineren (polyurie): Vaker en grotere hoeveelheden plassen
- Verhoogde eetlust maar gewichtsverlies: Het lichaam kan glucose niet gebruiken als brandstof
- Vermoeidheid en lusteloosheid
- Troebele ogen: Diabetes veroorzaakt bij honden snel cataract
- Terugkerende infecties: Urineweginfecties, huidinfecties
Diagnose
De dierenarts stelt de diagnose via bloedonderzoek (nuchtere bloedsuiker) en urineonderzoek (glucose en ketonen in de urine). Een eenmalig hoge bloedsuikerwaarde is niet voldoende voor diagnose – ook stress verhoogt de waarden tijdelijk.
Behandeling
Insuline-injecties
De meeste diabetische honden krijgen 1 tot 2 keer per dag een insuline-injectie, altijd na een maaltijd. De dosis wordt ingesteld via regelmatige glucosecurves. Dit klinkt ingrijpend maar wordt door de meeste eigenaren snel als routine ervaren – de naald is dun en de hond voelt het nauwelijks.
Dieet
- Vaste maaltijden op vaste tijden – onregelmatige voeding maakt dosering onmogelijk
- Vezelrijke, complexe koolhydraten die langzaam glucose afgeven
- Geen snacks of extra voeding buiten de maaltijden
- Veterinaire diabetesdieetvoer (Royal Canin Diabetic, Hills w/d)
Gewichtsmanagement
Overgewicht vergroot insulineresistentie. Een diabetische labradoodle op gewicht houden is essentieel voor stabiele regulering.
Thuismonitoring
Veel eigenaren leren de bloedsuiker thuis te meten via een glucosemeter (van de oor- of liporandem). Dit vermindert dierenartspraktijkbezoeken en geeft beter inzicht in de dagelijkse regulering. Vraag je dierenarts naar begeleiding hierbij.
Hypoglykemie: de gevaarlijke kant
Te lage bloedsuiker (hypoglykemie) is een noodsituatie. Symptomen: wankel lopen, zwakte, verwarring, stuiptrekkingen, bewustzijnsverlies. Wat te doen: smeer honing of glucosestroop op het tandvlees en ga direct naar de dierenarts.
Leven met een diabetische labradoodle
Met goede instelling leven diabetische honden jarenlang comfortabel. De sleutel is routine: vaste maaltijden, vaste injectietijden en regelmatige controles. Veel eigenaren beschrijven hoe de hond na instelling opbloeit – meer energie, terug op gewicht, weer speels.