Labradoodle Blog

Alles over de Labradoodle

Heupdysplasie bij de labradoodle: oorzaken, symptomen en behandeling

Heupdysplasie is een van de meest besproken gezondheidsaandoeningen bij labradoodles. Toch weten veel eigenaren weinig over wat het precies is, hoe je het herkent en wat je eraan kunt doen. In dit artikel lees je alles wat je als eigenaar of toekomstige koper moet weten.

Wat is heupdysplasie?

Heupdysplasie (HD) is een erfelijke aandoening waarbij het heupgewricht niet goed aansluit. In een gezonde heup past de kop van het dijbeen nauwkeurig in de heupkom. Bij HD is deze kom te ondiep of de gewrichtsstructuur te los, waardoor de botten schuren en slijtage ontstaat.

Het is een progressieve aandoening: hoe ouder de hond, hoe meer schade en pijn. Toch hoeft HD niet altijd dramatisch te zijn – milde vormen zijn goed te beheren.

Oorzaken en risicofactoren

  • Erfelijkheid: HD is sterk genetisch bepaald. Fokkers die ouders testen verlagen het risico aanzienlijk.
  • Groeitempo: Te snelle groei bij pups (overvoeding) vergroot de kans op HD.
  • Overgewicht: Extra gewicht belast de heupen continu.
  • Overmatige belasting als pup: Te veel trappenlopen of springen voor het 12e maand vergroot het risico.
  • Formaat: Grotere honden hebben meer HD-risico. Bij de labradoodle spelen de poodelgenen een beschermende rol.

Symptomen van heupdysplasie bij de labradoodle

De symptomen variëren per ernst en leeftijd:

  • Moeite met opstaan na rust, stijfheid
  • Konijnenloopje: beide achterpoten tegelijk optillen bij het rennen
  • Verminderde wil om trappen te lopen
  • Spierzwakte in de achterbenen
  • Klikken of kraken in het heupgebied
  • Pijn bij aanraken van de heupen
  • Terughoudendheid om te spelen of te bewegen

Bij pups kan HD zich al vanaf 4 tot 5 maanden tonen. Bij lichte vormen valt het soms pas op in de oudere jaren wanneer artrose is ingetreden.

Diagnose: hoe wordt HD vastgesteld?

De dierenarts maakt een rontgenfoto van de heupen. In België en Nederland wordt de officiële HD-score bepaald door erkende beoordelaars via FCI-richtlijnen:

  • HD-A: Normaal – optimale heupvorm
  • HD-B: Bijna normaal – kleine afwijkingen
  • HD-C: Licht dysplastisch – fokken afgeraden
  • HD-D: Matig dysplastisch
  • HD-E: Ernstig dysplastisch

Verantwoorde fokkers laten beide ouderdieren testen en fokken alleen met HD-A of HD-B resultaten.

Behandeling van heupdysplasie

Conservatieve behandeling (zonder operatie)

  • Gewichtsmanagement: Slanke honden hebben minder pijn en slijtage
  • Gecontroleerde beweging: Zwemmen is ideaal – belastingvrij maar spierversterkend
  • Fysiotherapie: Gerichte oefeningen voor spiermassa rond het heupgewricht
  • Pijnstilling: NSAIDs op voorschrift van de dierenarts bij pijnklachten
  • Supplementen: Glucosamine, chondroitine en omega-3 kunnen het gewrichtskraakbeen ondersteunen
  • Orthopedisch bed: Verlaagt druk op gewrichten tijdens rust

Chirurgische behandeling

  • Triple Pelvic Osteotomy (TPO): Bij jonge honden voor 10 maanden, herpositioneert de heupkom
  • Femoral Head Ostectomy (FHO): Verwijdering van de dijbeenkop, geschikt voor kleinere honden
  • Totale heupprothese (THA): Beste langetermijnresultaat, geschikt voor alle formaten

De dierenarts en orthopedisch specialist bepalen samen welke aanpak het beste past bij jouw hond.

Preventie: wat kun jij doen?

  • Koop alleen bij fokkers die beide ouderdieren op HD hebben laten testen (HD-A of B)
  • Vraag naar het HD-certificaat van vader én moeder
  • Geef je pup geen overdreven hoeveelheid calcium en voer niet te veel eiwitrijk voer in de eerste maanden
  • Beperk trappenlopen, springen van hoogte en intensief rennen tot het gewricht volgroeid is (ca. 12-18 maanden)
  • Houd het gewicht onder controle gedurende het hele leven

Leven met een labradoodle met HD

Veel honden met HD leiden een gelukkig leven mits de aandoening goed wordt gemanaged. Met de juiste combinatie van beweging, voeding, gewichtsbeheer en eventuele medicatie of fysiotherapie is de kwaliteit van leven vaak uitstekend – zeker bij milde vormen.

Observeer je hond goed: verminderde activiteitslust, stijfheid of veranderingen in looppatroon zijn signalen om snel naar de dierenarts te gaan. Vroeg ingrijpen maakt een groot verschil.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *